Materiaal en methode
Inventarisatie
De inventarisatie begon zeer bescheiden in 2017 en 2018 en werd verder uitgebreid in de jaren hierna en loopt nog steeds. Het grootste deel van de waarnemingen is verzameld met een lichtval met een 20W UV-A lamp. Daarnaast is tijdens geschikte weersomstandigheden incidenteel gevangen op een wit laken, verlicht met twee ML-lampen van 250W. Soms is een gistend mengsel van suiker, stroop en banaan op boomstammen gesmeerd voor soorten die minder sterk op licht reageren maar wel op de zoete alcoholische geuren afkomen. Door deze methoden te combineren werd de kans vergroot om zowel algemene als minder algemene soorten vast te stellen. Het laken werd op twee plekken op het perceel opgezet. De lichtval staat altijd op een vaste plaats op de rand van het grasland en de windsingel. Een deel van de waarnemingen is ter controle en validatie ingevoerd in Waarneming.nl; de hier gepresenteerde cijfers zijn gebaseerd op eigen registratie. Wel is er een aantal keer een laken opgezet door een lid van de nachtvlinder sectie (ter Haar) van de Nederlandse Entomologische Vereniging (NEV).
Dataset en afbakening
Voor de analyses in dit artikel is uitsluitend gebruikgemaakt van de waarnemingen van macrovlinders uit de periode 2017-2026. Microvlinders zijn zeker in het begin minder consequent gevangen en gedetermineerd. Om de resultaten niet te laten vertekenen door dit verschil in inspanning, zijn zij hier apart gehouden en samen met waarnemingen van derden beschreven in het hoofdstuk ‘Overige soorten’.
| Kenmerk | Waarde |
| Inventarisatieperiode | 2017-2026 |
| Vangfrequentie (macrovlinders) | laken 27x / lichtval 170x |
| Registraties (macrovlinders) | 3.733 |
| Soorten macrovlinders (eigen terrein) | 377 |
| Extra soorten macrovlinders Bokkepolder | 6 |
Tabel 1. Samenvatting van de dataset (macrovlinders).
De jaarlijkse inventarisatie-inspanning varieerde aanzienlijk, met name in 2020-2022 werd relatief intensief bemonsterd. Vastgelegd werd: de soort, op laken, lichtval of incidenteel gevangen, datum. Voor de lichtval werd het aantal per soort geteld. Op een laken is dat moeilijker, je zou dan elke vlinder van het laken moeten vangen en in een potje moeten doen, dat is niet gedaan. Omdat het aantal waargenomen soorten sterk samenhangt met de bemonsteringsinspanning, is bij de interpretatie steeds onderscheid gemaakt tussen verschillen in inventarisatie-inspanning en verschillen in de feitelijke soortenrijkdom. Een deel van de registraties kon niet met zekerheid tot op één soort worden herleid, bijvoorbeeld bij sterk gelijkende soorten die niet zonder prepareren van elkaar te onderscheiden zijn, of wanneer een dier alleen tot op geslachtsniveau kon worden gedetermineerd. Op het eigen terrein gaat dit om 127 registraties verdeeld over 10 van dergelijke soortencombinaties bijv.”stompvleugel/bleke grasuil”, en om 22 registraties die zijn genoteerd als “spec.” Deze registraties zijn wel meegeteld in de totalen, maar dragen niet bij aan het aantal vastgestelde afzonderlijke soorten.
