Indruk zomer 2019.
 
Rolf Roos
 
2019
 
Zuidtalud, bovenzijde van de dijk en noordtalud van het hooiland hebben evenzovele verschillende karakters. Zuid is mediteraan-heet, grasarm, vrij open van structuur en bijzonder rijk aan kalkminnaars als grote tijm, nachtsilene, beemdkroon, geel walstro, kruisdistel e.v.a.; de bovenzijde is middelhoog, licht betreden en heeft een wat milder microklimaat met naast kruisdistel ook vele klavers o.a. gewone  rolklaver, hazenpootje en liggende klaver; de noordzijde is koeler, hoogopgaand  met veel jakobskruiskruid, wilde peen en zeer rijk aan grassen waaronder reukgras, glanshaver, zachte haver en goudhaver. Het westelijke gedeelte van de noordzijde is volgens Adrie van Heerden te voedselrijk/ruig en zou eenmalig een keer vroeg gemaaid kunnen worden om mineralen kwijt te raken (is gebeurd 2020).
Het maaiwerk laat in juli met sparen van delen van de top en zuidzijde lijkt  goed gedaan (maar mag nog later). Kattendoorn raak je kwijt bij te vroeg maaien. Alleen een late bloeier en goede vlinderplant als gewoon knoopkruid is  in juli nog niet aan zaadzetting toe.
 
Reeds bekende Rode Lijstsoorten of karteersoorten (zie oude gegevens van voor 2019):
 
Goudhaver
Klavervreter
Moeslook
Kattendoorn
Nachtsilene
Grote tijm
Beemdkroon
Knolboterbloem
Kruisdistel
Zachte haver
 
In 2019 door Gerard Lokker/Tim Pelsma en o.g. ook aangetroffen, de RL soorten:
 
Blauwe bremraap
Gestreepte klaver
Ruwe klaver
Harige ratelaar
(van al deze soorten weinig (= 1-20) exemplaren)
 
Overige ‘nieuwe’ soorten 2019 (gevolg van vroeg waarnemen): sneeuwklokjes, blauwe druifjes, gewone veldsla.
 
In 2019 niet aangetroffen van bovenstaande lijst:
 
Opvallend ontbrekende soorten: bevertjes (wel bekend van Korte Nieuwendijk voor deze verruigde) en kamgras (meer een begrazingssoort). Bijenorchis zou er gewoon horen te staan (geduld!) en voor walstrobremraap liggen er ook volop kansen! Verdere verschraling zal goed uitpakken.
 
Aan de dijkvoet in de overgang naar de sloot zijn in het oostelijke deel kansen voor natte natuur (een plasdras zone) wat  zich leent voor aankaarten met Natuurmonumenten en Waterschap.
Bijzondere waarneming die ik nog meld: sabelsprinkhaan en  zuidelijk spitskopje, gevonden door Adrie. Maar echte entomologen moeten een langere lijst hebben! Mycologisch verdient de dijk ook aandacht. We kijken o.a. uit naar de kruisdisteloesterzwam en troffen in oktober de zwartwordende wasplaat.

Beemdkroon is opvallende soort van de dijk en staat o.a. ook in het duin bij Havenhoofd

 

Aantasting door graafwerk Nieuwendijk, november 2019

Aanvulling 2020, 2023, 2024

Door de droogte in het groeiseizoen van 2020 waren er heel weinig vlinderbloemigen, maar was er wel veel beemdkroon; klavervreter en blauwe bremraap zijn teruggevonden (ingevoerd in waarneming.nl). Nieuwe soorten: behaarde boterbloem, gevlekte rupsklaver, reukloze kamille (alle in beschadigd deel van november 2019). Interessante nieuwe vondst: rattenstaartgras, een zuidelijke nieuwkomer die in de noordelijke berm staat vlakbij elektriciteitshuisje.

Het westelijke deel is twee maal gehooid, het oostelijke eenmalig (september); het zuidtalud is deels ongemaaid gebleven (peildatum 20 okt.). Kabelaanleg glasvezel kan vegetatie opnieuw verstoren en hiervoor is Natuurmonumenten gewaarschuwd.

Drie verbodsborden verschenen (alleen in oostelijke deel) en een nieuwe markering van het blauwe wandelpad. Een toegezegd paneel met korte tekst over natuurwaarden is wel van commentaar voorzien maar na 6 maanden nog niet geplaatst (ook niet na 5 jaar ….). Platrijden bovenste deel berm voor crossers en quads blijft zorgelijk, zeker nu ook bekend is hoeveel zeldzame kruisdisteloesterzwam er in het najaar te vinden is.

Naschrift (2023) We hebben een recent onderzoeksrapport over de flora bij Natuurmonumenten  opgevraagd maar dit is geweigerd. Jammer. Als je niets te verbergen hebt kan je maar beter laten zien hoe goed je het doet met het beheer. 1 meter onderlangs Breenstraat/Galgeweg werd geheel vergraven en deels afgedekt met ander zand na reconstructie (verbreding) weg. Maaien einde zomer ging heel grootschalig met veel achterlaten van maaisel. Lokaal is verruiging of vergrassing te verwachten en niet door de vuile lucht. Niet meer aangetroffen: harige ratelaar.

Naschrift (2024)  Op een uitnodiging (feb.) aan Natuurmonumenten om zelf een verhaal te schrijven over 40 jaar dijken beheer en de flora hebben we geen reactie gehad.  Pas eind november werd zuidzijde talud deels gemaaid: alleen het deel ten oosten van de dijkovergang; groot deel zuidzijde bleef ongemaaid en verruigd nu; argument structuurvariatie niet valide gezien grote belang voor de noig steeds rijke flora en reeds bedroevende vlinderstand; bijen hebben meer kansen bij nabeweiding maar dat is hier niet aan de orde.

Moeslook (ca 1000 ex in bloei) stond in 2023 ruim een meter van de wegrand hoger op de dijk maar in juli is dit compleet vergrast maar bleek een nieuwe populatie (ca 400 ex) in de in 2023 vergraven berm direct onderlangs. Zie foto.

Zeer nat jaar met enorme biomassa-productie voor een gebied dat al bijna halve eeuw geen (?)  bemesting meer kent; helaas ‘normale’ maaibeheer (2022, 2023) deel noordzijde van westelijke dijkdeel eind mei bleef bovendien uit. Vroeg in het voorjaar, voor de vegetatie hoog opschoot, veel knolboterbloem en gewone veldbies. Dominantie in de zomer van van  gestreepte witbol, jacobskruiskruid en glanshaver.  Alleen langs wegrand noordzijde stond rode lijstsoort als gestreepte klaver. Lokaal goudhaver en zachte haver. Bijzondere soorten zuidzijde (m.n. oostelijk deel) bijna allemaal aanwezig zoals  beemdkroon (veel), nachtsilene (beetje in verdrukking), grote tijm (idem); geen klavervreter, ruwe klaver, behaarde boterbloem en geen blauwe bremraap waargenomen. 

Dit jaar niet gemaaid door de wegbeheerder = waterschap  (hulde of toeval?). Boven op dijk is beperkte uitbreiding kattendoorn. Nieuwe soorten 2024: grote ratelaar lokaal en ook viltig kruiskruid. Rattenstaartgras weer verdwenen.

Lokaal grote brandnetels.

Ongemaaid wandelpad.

Beheerszaken: Veel stuk rijden bermdelen door passerend verkeer op te smalle dijk is deels voorkomen door geplaatste pion. Kerend agrarisch verkeer zorgt in oogst of zaaitijd ook voor beschadigingen. Geen toezicht van Natuurmonumenten. Ook maaien van aangelegd publiekspad bleef uit waardoor het ontoegankelijk werd.