Brief van Jac. P Thijsse 18 september 1941 , ontleend aan uit archief NV Voorne’s Duin, thans bij RHCVPGO, Brielle onder nr. 707 ) over een rapport van dr. Hofker inzake de wateronttrekking op het eiland Voorne in 1941. Dit rapport verschijnt in definitieve vorm in 1942.
Deze brief staat niet in excel van Heimans en Thijsse Stichting van alle brieven van Thijsse; uit september 1941 zijn 6 brieven bekend maar deze ontbreekt.
Het origineel van de brief, waarschijnlijk handgeschreven, ontbreekt; de tekst is overgetypt, de aanhef ontbreekt. Zie pdf van archiefstuk.
Termen in de brief van Thijsse:
- Spanningswater: grondwater dat door slecht doorlatende laag niet goed kan stromen naar het oppervlak
- Phraeatisch (tegenwoordig gespeld als: freatisch) water: grondwater dat aan de bovenzijde niet is afgesloten door een ondoorlatende laag; in zijn brief verwart Thijsse dit grondwater met oppervlaktewater.
- Oppervlaktewater: aan de oppervlakte zichtbaar water in sloten, meren en kanalen
- Helophile flora: flora van moerassige plaatsen
- Prise d’eau: (open) waterwinkanaal (zie: https://duinenenmensen.nl/duinen-en-drinkwater/)
(Tekst brief dd 18 september 1941:)
Het rapport van Hofker heb ik met het allergrootste genoegen doorgewerkt. Het lijkt mij voorlopig wel definitief. Alle vorige onderzoekingen heeft hij erin verwerkt en ook aandacht geschonken aan de velerlei vermoedens en min of meer gefundeerde beweringen.
Uit het geheel heeft hij een aantrekkelijk en voor den ingewijde zelfs zeer aantrekkelijk beeld ontworpen van de velerlei avonturen van slib en zand en water, zo zoet als zout, in dit merkwaardige hoekje van de Rijn Delta. Van belang zou het zijn, de ontwikkeling van Voorne te coördineren met die van Rozenburg en Goedereede. Dat wordt een mooie studie voor later.
Op het ogenblik moeten we echter eerst aandacht schenken aan het waterleidingvraagstuk. Allereerst echter zou ik willen wijzen op het grote belang voor het duinlandschap van Voorne voor ons volk en in de eerste plaats voor de millioenenbevolking van het handels- en industriecomplex langs Merwede, Noord en Nieuwe Maas. In de tweede plaats komt dan nog den Haag, etc. Voor die heele streek betekent “Voorne” superieure natuurruimte. Niet natuurruimte alleen, maar een geheel van landschapvormen, flora en fauna, dat de hoogste bevrediging kan schenken aan kunstenaar en geleerde en aan den ontwikkelden en gevoelige leek, en dat door zijn volledige schoonheid ook nog treffend genoeg is voor onwetenden. En bovenal inspirerend voor kinderen en de rijpere jeugd.
Wanneer de waterstand daalt, maakt dit rijke landschap plaats voor ontmoedigende banaliteit, zoals wij dat op zo menige plaats in de duinen van den vastenwal reeds moeten verduren en waar helaas velen reeds mee tevreden zijn. En een invloedrijk man redeneerde reeds: wat hindert het of de helophile flora al verdwijnt; er komt een andere voor in de plaats. Voor hem hinderde dat ook niet, want hij kende nog de helophile flora noch die andere.
Hofker heeft in zijn rapport duidelijk aangetoond, dat de winning van het phraeatisch water (meestal genoemd, het oppervlaktewater) onvermijdelijk in zeer korte tijd ten ondergang van de helophile flora met zich brengt. Hij had erbij kunnen voegen, dat na weinige jaren de biologische veranderingen in den bodem zodanig zijn, dat bij herstel van den vroegere hydrologische toestand een terugkeer van de oorspronkelijke flora nog problematisch blijft.
Rest dus alleen het spanningswater. Dit is op Voorne vergeleken met het vaste land, slechts in geringe mate aanwezig. De kleilaag je hebt bestaan van dit spanning waterbedden, is op voor onvolkomen en onregelmatig ontwikkeld en toevallig juist bij Oostvoorne en bij Rockanje nog al tamelijk goed, zodat de heer Hofker aldaar een prise d’eau mogelijk acht. Over de graad van bestendigheid laat hij zich niet uit. Ik zou die niet hoog durven aanslaan, daar een storing in de kleilaag, ook zelfs buiten te aanvaarden een prise d’eau onaangename verrassingen zou kunnen brengen.
Dat de exploitatie van spanningswater eindelijk ook invloed heeft op de stand van het phraeatisch water is aangetoond door Dr. Mazure. Alles met alles lijkt een prise d’eau in dit geval voor Rockanje en Oostvoorne toch nog lang niet zeker.We durven ze daarom te ontraden en dat te eerder nu wij weten dat binnen enkele jaren een ingrijpende verandering te verwachten is in het regime der grote rivieren. Deze verandering is onafwijsbaar noodzakelijk in het belang van de zoetwaterwatervoorziening van het Hoogheemraadschap Rijnland en ook voor Delfland, m.a.w. voor vrijwel geheel Zuid-Holland en een deel van Noord-Holland tot aan het Noordzeekanaal. Dit is niet alleen nodig voor drinkwater, maar voor de productiviteit van het cultuurland.
De plannen hiervoor zijn sinds enige jaren in bewerking en naderen hun voltooiing. Hierin is ook de begrepen de afdamming van de Brielsche Maas, benevens dammen en stuwen in het gebied van de Merwede en elders.
Een van de gevolgen van deze wijzigingen is dat de Oude Maas onttrokken wordt aan de eb- en vloedbeweging en dus een zoet waterbekken gaat vormen, waaruit de eilanden voorzien kunnen worden, want voortreffelijk drinkwater voor mensch en vee en plant. Deze verandering treedt in binnen zeer korte tijd, minder dan 10 jaren.
Het zou belachelijk zijn met dit perspectief voor oogen, overbodige en ongewenschte onrust te brengen in het Voornse duin.
(Redactie D&M: ondertekening in deze overgetypte versie ontbreekt.)
De duiding van deze brief is opgenomen in apart artikel op deze site.
