Onwrikbare botter op de Kwade Hoek (1964)
Rolf Roos
(8 januari 2026)
Toen we begin 2025 op deze site in een artikel uitlegden dat de oorsprong van de veldnaam Kwade Hoek niet kwam door strandingen, maar door de sterk verzwakte kust rond 1715, kwam er enige dialoog op gang, omdat iedereen die nu leeft, geleerd heeft dat het door scheepsstrandingen komt. Ook het bordje van de terreinbeheerder versterkt dit recente verhaal, dat echter een halve waarheid is. Nu is taal heel flexibel, flexibeler soms dan wat zich in ons hoofd heeft vastgezet. De ‘Quaaden Hoeck’ als een bijna weggeslagen kust (incl. doorbraken, de laatste in 1731) kan moeiteloos een ‘plek van scheepstrandingen’ worden, vooral als na redding van de kust (door inlaagdijken en dammen) de aangroei eerst aarzelend (19e eeuw) en daarna spectaculair (20e eeuw) doorzet en de havenmond van Havenhoofd steeds verder moest worden uitgelegd. Zie het verhaal over ontstaan en aangroei.
Er zijn echter nauwelijks gedocumenteerde strandingen die de huidige betekenisgeving onderstrepen dus we houden ons aanbevolen. Maar een lastige bocht voor de vissers was het zeker! Een erg aansprekende foto van een stranding ontvingen we begin 2026, naast een oorspronkelijk krantenbericht van 1 mei 1964.
Kaart Havenhoofd, Goedereede e.o. ca 1964. Met een ster is de vermoedelijke strandingsplek van GO.17 weergegeven. Vanaf paal 4 bij het Haveneind had men in die tijd vrij zicht over de aangroeiende Kwade Hoek. Let op de geprojecteerde havenwerken rechtsonder en de bouwput.
Vette kop in het Eilandennieuws van 1 mei 1964:
„Kwade Hoek” bij Goeree hield botter G.O. 17 vier dagen onwrikbaar vast
Vijf noordzeekotters hadden zwaar karwei
Botter GO.17 lag op de zandbanken bij de Kwade Hoek begin mei 1964. In de krant stond: ” Toen deze foto genomen werd was de botter al plm. 35 meter „gekomen”, waarna hij weer op een rug stootte. De bemanning werd er bij laag water met een roeiboot afgehaald.”We citeren enkele passages uit de krant van 1 mei 1964. In het eerste citaat is duidelijk dat de hoge zeereep van ca 1970 er nog niet was en kon men alles volgen vanaf het Haveneind.
“Ieder die lopen kon op Goeree Havenhoofd stond zaterdag- en zondagmiddag op het Haveneind vanwaar men kon zien hoe op het water met de reuzenkracht van een vijftal kotters en de reddingsboot werd gewerkt aan de bevrijding van de op de Kwade Hoek vastgelopen botter G.O. 17. Wie thuis bleef luisterde voor de radio waar de vorderingen via de visserij golf te volgen waren. Met een flinke „bries” in de rug liep deze botter tijdens hoogwater op een zandbank.”
(…)
“De haven van Goeree is door het verzanden van de Kwade Hoek nagenoeg onbereikbaar. Omdat het flink hoog water was wilde de heer Groenendijk (de schipper) de kans wagen de haven te bereiken om daar, dicht bij huis van vistuig te verwisselen. Direct al raakte de boot vast en de hulp liet niet lang op zich wachten.”
Er waren diverse pogingen en kabelbreuken en uiteindelijk was het hard werken op zondag. De krant besluit:
“De vissers die eigenlijk naar zee moesten vertrekken gaven de moed niet op en verletten die dag in de vaste overtuiging dat ze het ’s middags zouden klaren. Inderdaad is ’s middags nadat ’s morgens een geul was gegraven en de kabel was bevestigd de boot vlot gekomen waarvoor de vissers die hieraan hun steentje hebben bijgedragen een flinke pluim toekomt.”






