Wolfsmelkpijlstaart is niet meer ‘zeer zeldzaam’ in de noordelijke delta
Rolf Roos
Snelle & giftige rupsen zijn voor ons nauwelijks bij te benen.
Van sommige soorten is bijna onvoorstelbaar hoe snel ze zich uit kunnen breiden. We liepen op 25 september (2025) op het strand van de Kwade Hoek aan de voet van de aangroeiende duinen waar zeewolfsmelk groeit. Eerst moest je goed zoeken, maar daarna hadden we tientallen rupsen van de wolfsmelkpijlstaartvlinder. Als donkere worstjes hingen de rupsen aan zeewolfsmelk te knabbelen met de onverstoorbaarheid die je alleen ziet bij dieren die zich onkwetsbaar of onzichtbaar wanen. Vaak met een keurig rijtje zeewolfsmelkkeutels eronder. Dat is een antropomorfisme, dat ‘onkwetsbaar wanen’, die onverstoorbaarheid. We dichten hier menselijke eigenschappen aan het dier toe. Maar behalve wat vaag gedreig met de rode ‘stekel’ aan de staartpunt als je te dicht nadert, reageert de veelvraat nauwelijks, ook als je pal er naast gaat zitten. Ze ‘weet’ (meer toedichting) dat ze oneetbaar is. De gifstoffen uit de zeewolfsmelk die zij blijkbaar verdraagt, zitten ook gestapeld in het lijfje. Lichtgroen met rode en gele stippen als de rups 4-5 cm is en bij grotere dieren kleurt het groen naar zwart. Geel en rood zijn de stippen, dat is de universele code in de natuur voor ‘eetmeniet’: giftig, gevaar, raak me niet aan! En wegrennen heeft voor rupsen natuurlijk helemaal geen zin, dus een zekere onverstoorbaarheid zit er ingebakken, bij gebrek aan alternatieven.
Regelmatig draaft er wel een rups door het mulle stuifzand, op weg naar een andere plant of naar een plek om zich tot pop om te vormen, onder zand te gaan en pas 8-9 maanden later uit te vliegen. Een wolfsmelkpijlstaartvlinder. Pas in 2018 verschenen in de noordelijke delta tussen Brouwersdam en de ‘Rotterdamse duinen’: duintjes aan de voet van de Maasvlakte (ook daar de laatste jaren veel!). Sinds 2018 ruim 2000 keer door honderden waarnemers op waarneming.nl gezet. Een veel geziene gast derhalve. De standaardteksten over de soort bij de Vlinderstichting, op Wikipedia en in de verspreidingsatlas die nog reppen van ‘zeer zeldzaam’ mogen op de schop. Ja, het zien van de volwassen vlinder, de imago, dat is nog steeds een huzarenstukje. Minder dan 1 procent van de waarnemingen in de Kwade Hoek betroffen een volwassen vlinder. Gezien de vele vele rupsen moeten ze er wel degelijk zijn, maar dan eerder in het jaar, in juni of juli. Wie heeft een foto van een eierleggend vrouwtje voor ons?
Fragment video wolfsmelkpijlstaart

Twee biologen van lichting VU Amsterdam 1972 (Gee van Duin en Joke ’t Hart) zien de rups voor het eerst en het tweedst….




