Landgoed Strypemonde, Voorne: What is in a name?
Rolf Roos, met dank aan Henk Terhell en Bert van der Valk
De Rotterdamse ‘havenbaron’ William Smith en zijn zonen Adriaan en James van Hoey Smith zijn centrale figuren in de duingeschiedenis van Voorne. De familie stichtte twee waardevolle landgoederen: Olaertsduyn (1912, eerst alleen een jachthuis, later van zoon Adriaan) en Strypemonde (1938, van zoon James) en had voor de oorlog de vrije hand bij de locatiekeuze. Ze kozen gerenommeerde architecten van hun tijd, want ze hadden het geld en ze wensten allure. Zo ligt landhuis Strypemonde bovenop de bijna vergeten en in bos verstopte Pietersdijk (van ca 1570) en ook midden in het duinlandschap. Thans resteert zo’n 40 hectare. In dit artikel meer over de sympathieke maar eigenlijk foutieve naam van het landgoed want, zoals we zullen betogen, de monding van de Strype lag zuidelijker en was kort na 1300 al verdwenen terwijl de landgoednaam uit de jaren ’30 van de vorige eeuw stamt.
William Smith had eind 19e eeuw het hele duin van Voorne verworven. Als eigenaren deden hij en zijn zoon James aan natuurbescherming inclusief jacht, maar ze wilden ook geld verdienen aan hun duinbezit: ze verpachtten visserijrechten, landjes voor duinlandbouw én ze ventten grote delen uit als ‘exploitatiegebied’ (Duinen en mensen Voorne p. 54-59). Bouwkavels werden verkocht waarbij de eigenaren allerlei beperkingen moesten accepteren (zgn. servituten, een oud woord voor erfdienstbaarheden). Het Quackjeswater dat ze ook bezaten was in de vorige eeuw tot ca 1955 een drinkwaterwingebied en ook in de Tweede Wereldoorlog een bron van inkomsten.
Strypemonde
Het duinlandschap van Voorne is uniek in Nederland en waarschijnlijk zelfs in Europa, door de bijzondere, zeer jonge geologie. Duinen en strand van Voorne zijn door het samenspel van grote rivieren en de zee erg kleinschalig aangelegd. De Voornse kust was tot zeer recent erg dynamisch, en er zijn uit het huidige duingebied dan ook geen archeologische vondsten bekend. Ook bij geologisch onderzoek in 2022 kwamen geen archeologische resten aan het licht. Waarschijnlijk was de kuststrook tot de 11e/12e eeuw nog vrijwel onbewoond. Uniek is ook dat, anders dan elders in Holland, onder het duinlandschap geen Oude Duinen liggen maar een laag zeezand, afgezet bij overstromingen. Dat is aangetoond met nieuw geologisch onderzoek verricht voor het boek Duinen en Mensen Voorne. C14-bepalingen aan resten van kustplanten en schelpdieren in het zeezand toonde aan dat die overstromingen voor het jaar 1000 hebben plaatsgevonden. Rond 1100 waren er op Voorne nog getijdekreken actief zoals de Goote (die lag ten noorden van het latere Quackjeswater (Schapengors) en liep richting Brielle) en de Strype. Die kreken zijn door opeenvolgende bedijkingen langzaam maar zeker vrijwel verdwenen.
Wat weten we nu exact over de Strype en Strypemonde? We bespreken het gebied in Duinen en mensen Voorne (pag. 132-143, hier te downloaden). Deze tekst bevat een wandelroute met veel landschappelijk informatie. Zie ook een wandeling in en rond het landgoed op deze website: de Grote Ommeloop van de duinen van Rockanje. De herkomst van enkele soms middeleeuwse veldnamen is online beschreven door Nol Freijsen. Regelmatig lezen we over deze zaken minder juiste zaken, ook in officiële stukken, omdat auteurs opschreven wat hun informanten hen vertelden zonder de bronnen te checken. Dat geldt bijvoorbeeld voor recente teksten over het als ‘rijksmonument’ aangewezen landhuis van Strypemonde. Daarnaast speelt het verleden van o.a. James van Hoey Smith de geschiedschrijving parten. James was behalve stuwende kracht achter NV Voorne’s Duin ook NSB’er. Hij was ook een actief pleitbezorger van natuur en cultuur en schreef er geregeld stukken over. Hij kon op basis van zijn status als grootgrondbezitter weleens overdrijven, bijvoorbeeld over de in zijn ogen ‘overbeweiding’ van het duin (rond 1910). Ook plooide hij de lokale geschiedenis wel eens naar eigen inzicht, waardoor de mythe over de monding van de Strype kon postvatten. We zetten hier de feiten op rij.

Ligging van de particuliere landgoederen op Voorne, 2025. In ons boek Duinen en mensen Voorne (2023) zijn ’t Reigersnest, Mildenburg, Berkenrijs, Olaertsduyn en de Leyse beschreven. Het belang van Kooysight en Kranenhout werd onderstreept. Op het kaartje in lichtblauw de huidige (recent verbrede) Strypse wetering, restant van de Strype die tot de middeleeuwen net ten noorden van Rockanje richting zee stroomde. Zie ook de huidige topografische kaart.
Een mooi landgoed met een ‘verkeerde’ naam
Door de aanwijzing van landgoederen en landhuizen als rijksmonument en ook de aanwijzing tot Beschermd Dorpsgezicht van delen van de binnenduinrand en het duin op Voorne zijn diverse teksten verschenen waaruit we hier citeren. De zwarte markeringen, van onze hand, betreffen fouten of behoeven nuancering. In de beschrijving van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed bij aanwijzing van Strypemonde tot Rijksmonument uit 2021 staat: “Nadat de buitenplaats Overburgh in 1932 door brand werd verwoest betrokken James van Hoey Smith en diens familie naar het dan nog niet als zodanig aangelegde buitenplaats Strypemonde gelegen oorspronkelijke Pesthuis. Boerderij de Schaapskooi bleef boerderij en rentmeesterwoning van de landerijen maar diende sindsdien tevens als jachthuis van de familie James van Hoey Smith, die in het bos en aangrenzende duingebied jaagde. In 1937-1938 liet James op een restant van de Pietersdijk het landhuis Strijpemonde bouwen, naar ontwerp van architect J.W. Janzen, die tevens huisvriend van de familie was. Tegelijkertijd of kort hierna werd rondom het huis – wellicht deels in samenwerking met architect Janzen een zeer ruime parkaanleg in landschapsstijl aangelegd, bestaande uit een ruime parkweide met grootschalige vijverpartij in landschapsstijl. Het uitgraven van de vijver gebeurde met kruiwagens in het kader van een werkverschaffingsproject. Het zicht vanuit het huis op de weide met vijverpartij wordt door het al eerdergenoemde bos uit de periode 1800-1819 begrensd. In dit bos werd een losmazig patroon van slingerpaden aangelegd en een nieuwe vijver met heuvelpartij. Een ruime in curven verlopende laan vanaf boerderij de Schaapskooi dient sindsdien als oprijlaan naar het landhuis. De vijverpartij van de in IJsselsteen opgetrokken boerderij de Schaapskooi is oorspronkelijk een wiel (red: dijkdoorbraak). Het gehele park werd beplant met in Nederland zeldzame uitheemse bomen en planten, waaronder bamboe, kurkeik en een pinetum in het bos ten zuidwesten van het landhuis. Omstreeks 1960 werd in het bos uit de periode 1800-1819 een laan van Metasequoia’s aangelegd. De onderdelen van het complex Strijpemonde staan in een fraaie landschappelijke omgeving met een grote afwisseling van gesloten en open delen. In het park staan ondermeer het aan het begin van de oprijlaan gelegen toegangshek, een brug over de vijver, een ponystal met bijbehorende hooiberg aan de bosrand, een houtschuur ten noordwesten van de oprit bij het huis en een tweetal veeshelters op het weiland, die alle dateren uit de bouwtijd van het landhuis en eveneens zijn ontworpen door architect J.W. Janzen.” (…) Daarna volgt: “De naam Strypemonde moet worden gerelateerd aan het voormalige zeegat Strype dat ooit nabij de historische buitenplaats uitmondde.”
Voor dat laatste zijn echter geen aanwijzingen. Ook de officiële tekst voor aanwijzing van beschermd dorpsgezicht Voornes Duin, 2017 verhaspelt de feiten. “Het Windgat is een laagte tussen de duinen, die de plaats aangeeft waar de Strype, een oude vloedgeul, vroeger het land binnendrong.” Hierbij ontbreekt een vermelding van de (ondeugdelijke) bron van dit verhaal, nl. een tekst van James van Hoey Smith in de Brielse Courant van 22 maart 1963. Daarin meldt hij trouwens ook dat de Strype over het Breede Water heen uitwaterde (dat nog lang niet bestond). De Strype was geen vloedgeul of ‘zeegat’, eerder een getijdekreek (zoals op de kwelders van Terschelling en Schiermonnikoog) en had ook geen monding in de zin dat het water op een enkele plek uitstroomde, er waren eigenlijk twee mondingen: aan de ene zijde in het Haringvliet en aan de andere zijde, landinwaarts op Voorne in andere geijdekreek, de Goote) . Vroeger is wel erg vaag (de Strype heeft bestaan ca 1500 vChr tot 1250 na Chr) en de Strype als hoofdstroom lag niet ‘hier.’ En toen er sprake was van een Windgat (vanaf 1479) was de Strype al verdwenen, en resteerde hooguit nog een kreekrest. De Strype was nl. begin 14e eeuw al afgedamd door de nog steeds aanwezige Vleerdamsedijk; die dijk is meer dan een dam, hij loopt vanaf Rockanje/Meertje de Waal landinwaarts richting Oostvoorne, Ten oosten van die dijk ligt ook nu nog een (recent verbrede) watergang, de Strypse Wetering. Na afdamming rond 1300 ontstond aan de zeezijde de strandvlakte van Het Windgat, een brede laaggelegen en dus zwakke plek in de kustlijn. Die brede vlakte overstroomde bij stormvloeden met zeewater. Op een 16e-eeuwse kaart wordt dit gebied ook wel aangeduid als Wintglop, met meerdere kreken o.a. een ‘Groote Kreek’. Dit landschap leek wel wat op de huidige Kwade Hoek op Goeree. Vervolgens stoof net ten noorden van Rockanje de voormalige hoofdstroom (de ‘echte’ Strype) deels dicht maar diverse ‘swinnen’ resteerden (denk aan de huidige straatnaam Swinsedreef). Ze zijn nog zichtbaar op de kaart uit 1608 van Kouter (zie hieronder). Na de Vleerdamsedijk zijn aan het eind van Middeleeuwen in het toenmalige Windgat ook de Noorddijk (15e eeuw) en de Pietersdijk (ca. 1570) aangelegd. Na totstandkoming van de Pietersdijk werd het gebied pas in 17e eeuw veiliger door opzanding en pas echt veilig na 19e-eeuwse aanlanding van een zandbanken voor de kust.

Huidige landschap net ten westen van de Schaapskooi met een wiel, waarschijnlijk uit 1570. Achtergrond: de Noorddijk die hier overgaat in het duinlandschap van de Heveringen.
Tegenwoordig is ‘Windgat’ de naam voor een bosgebied – gelegen tussen de Noorddijk en de Pietersdijk – en nu ver landinwaarts gelegen, maar het was dus ooit de naam voor de gehele open deel van de westkust waar soms meerdere kreken liepen. Af en toe brak een dijk door, bijvoorbeeld in 1570 in de Noorddijk vlak bij de Heveringen (achter d.w.z. ten zuiden van de Schaapskooi, d.w.z niet het watertje ervoor, dat is een gegraven vijver). Op de kaart van Nicolaas Stampioen uit 1661 (Kaart van de Generale dijckage van Voorne, NA 4.VTH 2027) treffen dit water als ‘Meente weijer’: de gemeenschappelijke vijver (drinkplek voor vee) en restant van een kreek die ook zichtbaar is bij Kouter. Die drenkplek zou wel eens de logische reden zijn voor de locatie voor een schaapskooi en van de latere rentmeesterswoning uit 1910 die die naam is gaan dragen.
Vanaf ca 1650
In recentere eeuwen ontstonden ten westen van de Pietersdijk in het restant van het Wintgat door verdere kustaangroei strandvlaktes als de Vallei, de Paardenwei (nu Vogelwei) en het Breede Water. De laatste werd een meer rond 1930 na aanleg van een zanddijk met behulp van een strook rijshout tussen strandpalen 10 en 11, zie ons aparte artikel hierover. Dat bleek ook het moment om in dit intrinsiek zwakke, maar juist in die decennia uitdijende kustgebied een landgoed aan te leggen, best wel een risicovolle stap. Men zette het landhuis neer op de 3m hoge Pietersdijk die in die tijd zeker geen ‘restant’ was maar wel deels vergraven was, en waarvan een deel nu dennenaanplant torst.
Als James van Hoey Smith, die vanuit persoonlijke interesse veel van het landschap wist, een correcte naam voor zijn landgoed had willen kiezen, dan lag ‘Windgat’ of ‘Groote Kreeke’ meer voor de hand. Hij koos voor een meer romantische naam, waardoor generaties natuurliefhebbers en ambtenaren nu denken dat juist hier de Strype uitmondde. Taal doet ertoe. Een ‘Windgat’ klinkt nauwelijks aantrekkelijk, terwijl een ‘Strypemonde’ ons de oren doet spitsen.

Kaart van Kouter uit 1608 met rechts het noorden. Rechts van het midden het Windgat met de Groote Kreeke (afgebeeld als een soort meertje) en een ondiepe getijdengeul naar zee. Het restant van de Strype vóór de Vleerdamsedijk (middenonder) leeft voort als Meertje de Waal en Strypse Wetering (recent weer verbreed). Deze dramatische, open situatie toont de gevolgen van de Allerheiligenvloed van 1570 met vele doorbraken gevolgd door versterking/aanleg van de Pietersdijk. Op een iets recentere kaart van ca. 1645 (Nationaal Archief 4.VTH 2037) is het Windgat geen gors meer, maar spreekt men van ‘Wintgatsche duynen’.
Bronnen
- Hoey Smith, J. van (1963) Hoe Voorne’s kust ontstond. Geologisch Onderzoek naar oude rivieren en kustlijnen. Nieuwe Brielsche Courant, 28 maart 1963.
- Rolf Roos & Nico van der Wel (red.), 2023. De Grote Ommeloop van de duinen van Rockanje uit Duinen en mensen Voorne,
- Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, 2021. Aanwijzing van Strypemonde tot Rijksmonument
- Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, 2017. Toelichting aanwijzing beschermd dorpsgezicht Voornes Duin
- Bert van der Valk, 2023. Nieuw onderzoek naar de kust van Voorne – uit Duinen en mensen Voorne
- Overzicht van historische kaarten van de duinen van Voorne









